Menu
Jaa Sien
36."61. Maar dat gij Mij zoudt dienen?"" Dat was het rechte pad."
36.62. Toch deed hij een groot gedeelte uwer dwalen. Hadt gij dan geen verstand?
36.63. Dit is de hel waarmede gij werdt bedreigd.
36.64. Gaat daar thans binnen, omdat gij haar placht te loochenen.
36.65. Op die Dag zullen Wij hun mond verzegelen, maar hun handen zullen tot ons spreken en hun voeten zullen getuigenis afleggen van alles wat zij hebben bedreven.
36.66. En als Wij het hadden gewild, konden Wij het licht in hun ogen hebben gedoofd, dan zouden zij zich naar het pad hebben willen haasten. Maar hoe konden zij zien?
36.67. En indien Wij wilden, zouden Wij hen op hun plaatsen hebben doen verstijven zodat zij noch vóór- noch achteruit konden.
36.68. En wie Wij een lang leven schenken, doen Wij achteruitgaan in kracht. Willen zij dan niet begrijpen?
36.69. En Wij hebben hem (de profeet) het dichten niet geleerd, noch is het voor hem passend, dit is slechts een vermaning en een duidelijke verkondiging,
36.70. Opdat de levenden mogen worden gewaarschuwd en opdat het oordeel tegen de ongelovigen gerechtvaardigd moge zijn.
36.71. Hebben zij niet gezien, dat onder de dingen die Onze handen gemaakt hebben, Wij vee hebben geschapen, waar zij meesters over zijn?
36.72. En Wij hebben het aan hen dienstbaar gemaakt, zodat sommige rijdieren zijn, en sommige tot voedsel strekken.
36.73. En zij hebben er voordelen van en dranken. Willen zij dan niet dankbaar zijn?
36.74. En zij hebben andere goden naast Allah genomen, hopende dat zij mogen worden geholpen.
36.75. Dezen kunnen hen niet helpen maar zij zullen als een schare tegen hen worden gebracht.
36.76. Laat daarom hun spraak u niet verdrieten. Voorwaar, Wij weten wat zij verbergen en wat zij tonen.
36.77. Heeft de mens niet begrepen dat Wij hem hebben geschapen uit een levenskiem? Doch ziet, hij is klaarblijkelijk een redetwister!
36."78. En hij zet Ons verhalen voor en vergeet zijn eigen ontstaan. Hij zegt: ""Wie kan de beenderen doen herleven als zij vergaan zijn?"""
36."79. Zeg: ""Hij, Die hen voor de eerste keer schiep zal hen doen herleven, Hij heeft kennis van de gehele schepping."
36."80. Hij is het, Die uit een groene boom voor u vuur voortbrengt, en ziet, gij steekt er (uw brandstof) van aan."""
Buscar en el Corán
Acceso suras
Acceso Versos