Menu
Het Rotsacht
15."41. God zeide: ""Dit is een pad, rechtstreeks tot Mij."""
15.42. Gij zult over Mijn dienaren zeker geen macht hebben, met uitzondering van de dwalenden die u volgen.
15.43. En de hel is zeker de beloofde plaats voor hen allen.
15.44. Zij heeft zeven poorten en elke poort heeft een gedeelte hunner toegewezen gekregen.
15.45. Voorwaar, de rechtschapenen zullen te midden van tuinen met bronnen zijn.
15.46. Gaat er met vlede en veiligheid binnen.
15.47. En Wij zullen alle wrok uit hun hart uitroeien, op tronen zullen zij als broeders tegenover elkander zitten.
15.48. Vermoeidheid zal hen daar niet raken noch zullen zij er van worden verdreven.
15.49. Zeg tot Mijn dienaren dat Ik voorzeker Vergevensgezind, Genadevol ben.
15.50. En dat Mijn straf de pijnlijke straf is.
15.51. En vertel hun van Abrahams gasten.
15."52. Toen zij bij hem binnentraden zeiden zij ""Vrede"", hij antwoordde: ""Voorwaar, wij vrezen u."""
15."53. Zij zeiden: ""Vreest niet, wij geven u blijde tijding over een zoon, die met kennis zal zijn begiftigd."""
15."54. Hij zeide: ""Geeft gij mij blijde tijding hoewel de ouderdom mij heeft achterhaald? Wat is het dan, waarover gij mij blijde tijding geeft?"""
15."55. Zij zeiden: ""Wij hebben u inderdaad in waarheid blijde tijding gegeven, behoor dus niet tot hen die wanhopen."""
15."56. Hij zeide: ""Wie kunnen aan de genade van hun Heer wanhopen, dan de dwalenden?"""
15."57. Hij zeide: ""Wat is uw taak, o gij boodschappers?"""
15."58. Zij zeiden: ""Wij zijn naar een schuldig volk gezonden."""
15."59. Doch wat de familie van Lot betreft, hen zullen Wij allen redden."""
15.60. Behalve zijn vrouw. Wij hebben besloten, dat zij tot degenen zal behoren die achterblijven.
Buscar en el Corán
Acceso suras
Acceso Versos